Deze week gingen we vooral eens kijken naar de Zuidpool, naar de pinguïns. Hoe zien ze eruit? Hoe worden ze geboren? Hoe groeien ze op? Wat eten ze? Op deze vraagjes en nog andere kregen we antwoorden. We leerden ook een liedje en dansje aan van ‘maman pingouin’ (van onze Franse taalmethode Pistache) en dat vonden we leuk en grappig. We vertelden allemaal iets over een hele grote prent en de juf zocht op deze prent waarover we het hadden, dat was wel voor sommigen nog wat moeilijk. Daarna vertelde de juf iets en mochten wij het zoeken! We leerden een nieuwe letter kennen, de ‘W’ van winter. We maakten hierover ook een werkje en bekeken alle letterkronen van de kindjes. We maakten een pinguïnetje van papier, waar we de levensloop van de pinguïn kunnen volgen. In de knutselhoek gingen we heel fijn te werk: we moesten sjablonen overtrekken, deze vormen dan uitknippen, onze fles vullen met nepsneeuw en een rolletje schilderen. Onze juf maakte er dan een gekke pinguïn van. We keken ook nog naar een leuk verhaaltje op het grote scherm, maar we moesten goed opletten, want de juf stelde daarna verschillende vragen over het verhaal. Dit deden we samen heel goed, want alle vraagjes kregen een correct antwoord! In de taalhoek konden we visjes vangen uit het water met valse ijsblokjes, die hadden een letter staan en deze letter zochten we dan op onze letterkaart. Ook konden we de letters van de pooldieren zoeken op andere kaarten en omcirkelen. In de rekenhoek hadden de pinguïn, de eland en de walrus reuzehonger en wij hielpen ze aan de juiste hoeveelheid eten. We maakten ook een kaart na vol gekleurde pinguïns, hiermee moesten we goed opletten naar de kleuren en ook naar de lege vakjes. We speelden ook het pinguïnwiebelspel en namen evenveel, minder en meer pinguïns als de dobbelsteen aangaf. Bij meester Stijn mochten we op woensdag sporten in de grote turnzaal en donderdag plonsden we samen in het water. We deden allemaal heel flink ons best! Een fiere meester en juf keken hoe goed we het wel deden. 🙂